Hoofdinhoud

Vijfentwintig jaar lang was ik de kapitein van ons schip. Dat was geen onderwerp van discussie. We hadden van alles: grote zeiljachten, antieke motorboten, sloepen, schepen met karakter en schepen met nukken. We voeren in Friesland en Kroatië en overal gold dezelfde rolverdeling. Ik aan het roer, mijn vrouw ernaast. 

Niet omdat zij dat niet kon. Integendeel. We hebben het er vaak over gehad dat zij ook prima een haven of sluis in zou kunnen varen en dat ik dan de lijnen zou doen. Maar op de een of andere manier gebeurde het nooit. Misschien uit gewoonte, misschien omdat je ongemerkt in een rol groeit die steeds vanzelfsprekender wordt.

Op een boot worden verhoudingen uitvergroot. Er kan er maar één de baas zijn op het moment dat er wind staat, een smalle box wacht en er aan de kant altijd precies drie mensen staan te kijken hoe het misgaat. Dan helpt overleg niet meer. Dan moet iemand zeggen: nu stuurboord, lijn los, gas terug en springen. Dat was altijd mijn domein.

Tot mijn parkinson-lichaam langzamerhand andere plannen kreeg.

De laatste jaren merkte ik al dat dingen minder vanzelf gingen. Mijn reactievermogen was net iets trager, mijn ogen werden slechter en ik had minder overzicht. Niet dramatisch ineens, maar genoeg om te voelen: dit gaat fout, dit gaat veranderen. Onze enorme boot werd ons uiteindelijk ook te veel. Ik weet nog die laatste keer dat we hem in de box legden. Gedoe, stress, gevloek. Toen we eindelijk vastlagen, zei ik: ‘Godzijdank, dit hoef ik nooit meer te doen.’ En ergens zat in die opluchting ook al een inzicht verstopt.

Want ondertussen begon mijn vrouw steeds meer over te nemen op onze nieuwe sloep. Eerst voorzichtig, daarna vanzelfsprekend. En wat me misschien nog wel het meest verbaasde: ik vond het eigenlijk prima. Sterker nog, diep van binnen denk ik soms dat ik altijd al een betere tweede man ben geweest dan eerste. Mijn vader had dat ook. Zo iemand die overal uitstekend functioneert aan boord, zolang hij niet perse degene hoeft te zijn die vanaf de brug commando’s schreeuwt.

Alleen had ik mezelf blijkbaar jarenlang wijsgemaakt dat ik kapitein moest zijn. Omdat ik dat nu eenmaal altijd was geweest. Het mooie is: mijn vrouw verraste me totaal niet. Zij is daadkrachtig, leert snel en neemt makkelijk verantwoordelijkheid. Het enige dat me verbaasde, was hoe snel de rollen verschoven zodra het nodig werd. Alsof die nieuwe verhouding al veel langer ergens klaar lag, maar door parkinson veel eerder boven kwam drijven. 

Misschien is dat ook wat ziekte soms doet. Niet alleen dingen afpakken, maar ook zichtbaar maken wat er blijkbaar al die tijd al mogelijk was. Wij dachten altijd dat we een kapitein en een matroos waren. Maar we blijken we uiteindelijk gewoon twee mensen die hetzelfde schip drijvende proberen te houden.

Jan Heemskerk kreeg in 2021 de diagnose ziekte van Parkinson.

Jan Heemskerk kreeg in 2021 de diagnose ziekte van Parkinson.

Met zijn maandelijkse column voor ParkinsonNederland wil hij graag een nuttige bijdrage leveren aan de bewustwording van deze ziekte. Natuurlijk met zijn kenmerkende mix van empathie en zelfspot.

Jan geniet van bescheiden bekendheid als voormalig hoofdredacteur van de mannenbladen MAN, FHM en Playboy. Jan was ook lange tijd columnist bij onder meer Linda. (samen met Saskia Noort), Flair (met Marcel Langedijk) en Kek Mama (over vaderschap en relatie). En schreef voor vrouwenbladen als Libelle, Margiet Viva, Plus, Jan, Saar, Telegraaf Vrouw en Volkskrant Magazine talloze artikelen, vooral over de verhouding en verschillen tussen man en vrouw. Maar hij draait zijn hand ook niet om voor het presenteren van een radio/tv en/of podcast-programma.  

Elke maand delen onze columnisten persoonlijke verhalen, ervaringen en inzichten over parkinson. Jan en Wytze schrijven openhartig over hun leven met parkinson, terwijl Marlies haar kennis en ervaringen deelt over parkinson als fysiotherapeut en leefstijlcoach. Lees hier de nieuwste columns.